Hesther Robbe - door Kerstin

Praten over wetenschap is iets heel anders dan (professionele) wetenschapscommunicatie. Wie niet goed nadenkt over doelgroepen, context en andere relevante variabelen, zegt wellicht wetenschappelijk gezien relevante dingen, maar bereikt geenszins het beoogde doel. Ongeacht of dat democratisering van de wetenschap is of, heel simpel, sympathie of op zijn minst begrip winnen voor je standpunt.

Zo zag ik zelden iemand zo erg de bocht uit vliegen als die tandarts die in EenVandaag beargumenteerde waarom zij en haar collega's heel goed in staat zijn om botoxbehandelingen uit te voeren.

Wetenschapscommunicatie is een vak apart. Een cruciale brug tussen de academische wereld en de maatschappij. Niet zozeer wat betreft feitelijke uitvoering, want dagelijks vinden talloze ontdekkingen, uitvinden, ideeën en modellen uit de alfa-, beta- en gammawetenschappen de weg naar ons dagelijks leven, waar ze ons als het ware overkomen. Wetenschapscommunicatie echter, maakt van het grote publiek actieve participanten. Doordat het mogelijk wordt om wetenschap te begrijpen. En daardoor erover mee te praten en zich er een mening over te vormen. Kortom, democratisering van kennis, net zoals de oude Grieken dat al deden met hun openbare debatten over tal van onderwerpen.

In eerste helft van de negentiende eeuw werd de British Science Association opgericht "to obtain a greater degree of national attention to the objects of science.” Tegenwoordig lijkt wetenschap daadwerkelijk omarmd door de gehele natie. Denk maar aan de populariteit van onder meer DWDD University, het Gala van de Wetenschap, het Volkskrant KennisCafé, en de Theatercollege's. Dat wil overigens niet zeggen dat uitleg over wetenschap op elk moment gepast is en door iedereen - zelfs indien hoogopgeleid - adequaat wordt uitgevoerd. Zo heb ik zelf meermaals ervaren hoe makkelijk een onderwerp of zelfs een enkel woord verkeerd kan vallen. Binnen mijn stichting NIDAA doe ik onderzoek naar vondelingen en neonaticide. Meestal zeg ik geen 'neonaticide' omdat ik graag toegankelijk communiceer. En dus gebruik ik woorden als 'babymoord' en 'babylijkjes'. Met steevast een schrikreactie gevolgd door blijken van afschuw van mijn gesprekspartner. Enige tijd geleden gaf ik een publiekslezing over vrouwen die hun kind te vondeling leggen. In mijn verhaal refereeerde ik regelmatig aan de dader. Tot grote ontsteltenis van enkele toehoorders, die mij na afloop vroegen hoe ik in hemelsnaam de betrokken vrouw als dader kon aanduiden.

Maar nu terug naar het voorbeeld in mijn inleiding. Het was net voor half zeven in de vroege avond, die donderdag 9 mei 2019. Waarschijnlijk zat een groot deel van Nederland (feitelijk: gemiddelde kijkcijfers 900.000 - 1.200.000) aan de aardappelen, groenten en gehaktbal, bij te komen van een lange werk- of schooldag. Met de televisie aan om ter lering en vermaak via het zesuurjournaal en EenVandaag het laatste nieuws mee te pakken.

Het eerste onderwerp leek van redelijk luchtige aard: wie is er nu eigenlijk bevoegd om botoxbehandelingen uit te voeren? De (cosmetisch) arts of tandarts? Tandarts Hesther Robbe, oprichtster van de Nederlandse Vereniging voor Dento Faciale Esthetiek, verdedigde de bekwaamheid van de tandartsen:

Voice-over: Tandartsen vinden dat ze het ook wel kunnen.

Hesther Robbe: Dat denk ik zeker. Wij hebben tijdens onze studie uitgebreid het hoofd-halsgebied onderwezen gekregen. En zelfs in die mate dat iedere student een half hoofd met nek kreeg toegewezen om in een aantal weken dat hele hoofd en die nek te ontleden tot op het bot, dus we weten exact waar alle spieren en zenuwen in het gelaat lopen.

Serieus? Een half hoofd? Zomaar even rauw de huiskamer ingeslingerd? En dan ook nog eens tijdens het doorsnijden van de gehaktbal, het aanprikken van de sperziebonen of het prakken van de aardappels? Ja hoor, en zonder een (Botox)spier te vertrekken. Tip voor sprekers uit de categorie van deze mevrouw: lees eens de prachtige oratie van hoogleraar Wetenschapscommunicatie Ionica Smeets Enige beschouwingen over de waarde der wetenschapscommunicatie. Met als belangrijke slotboodschap: "Laten we zorgen dat onze outreach van net zulke hoge kwaliteit is als ons onderzoek." Of je nu hoogleraar, promovendus, of tandarts bent.


AVROTROS (2019). Mag een tandarts een botoxbehandeling uitvoeren?
Smeets, I. (2016). Enige beschouwingen over de waarde der wetenschapscommunicatie. Leiden: auteur.